• Gebruiksklaar maken van de elektrode
• Meten van het relatieve zuurstofgehalte in % zuurstofverzadiging
• Meten van het absolute zuurstofgehalte in mg O2
• Meten van het zuurstofgehalte in zeewater
• Meten van het zuurstofgehalte in de lucht
• Onderhoud van de elektrode en de meter


Gebruiksklaar maken van de elektrode

Hieronder vind je de handleiding voor het gebruiksklaar maken van de zuurstofelektrode. Zorg dat alle materialen brandschoon zijn voor het gebruik, want anders werkt je elektrode niet goed!

Opmerking: een vers geprepareerde elektrode heeft een vrij groot verloop (drift). Als je stabiele metingen wilt doen, laat dan de elektrode een nacht in een potje met water staan.

Werk met handschoenen aan en een veiligheidsbril op! KOH beschadigt eiwitten en kan blindheid veroorzaken! In je ogen gekregen: 15 minuten spoelen met water terwijl je de oogleden met de vingers opengesperd houdt. Dokter waarschuwen!

Benodigdheden voor het in elkaar zetten
• schaartje
• stukje van 5×5 cm² plastic folie (van huishoudfolie of boterhamzakje). Hoe dunner hoe beter.
• druppelflesje met 0,1 M KOH-gel



Het poetsen van de elektrode
• poets de polen mooi glanzend met een schuursponsje en een zacht schuurmiddel (Cif ofzo)
• spoel de meetkop goed af met water en dep hem droog met een schone tissue of doek



KOH druppelen
• breng een half druppeltje KOH-gel midden op de meetkop

Mocht je toch KOH over je vingers knoeien was dan onmiddellijk je handen met heel veel water!



Plastic folie op de meetkop leggen
• leg het stukje plastic folie op de elektrode en strijk dat glad over de meetkop, zodat de KOH-gel gelijkmatig over het oppervlak wordt verdeeld.

 


Ring aandrukken
• druk de ring over het plastic en let daarbij op dat er geen luchtbellen worden ingesloten




Klaar!

• knip de overtollige plastic folie rond de meetkop weg
• controleer of het plastic membraan niet bol staat; als je het membraan kunt indrukken dan zit er te veel vloeistof onder het membraan dan wordt de elektrode zeer traag in het gebruik; zet de elektrode dan opnieuw in elkaar en gebruik minder vloeistof
• laat de elektrode 10 minuten liggen om te stabiliseren
• de elektrode is nu klaar voor gebruik


 

Bewaren
Als je de elektrode een tijdje niet gebruikt, zet hem dan in water om uitdroging te voorkomen.


Knoptekst

 

Meten van het relatieve zuurstofgehalte in % zuurstofverzadiging

Het controleren of de meter op nul komt (6a en b) is alleen nodig als je denkt dat het membraan lekt, de polen niet schoon zijn en/of als je hele lage zuurstofgehaltes verwacht.

Benodigdheden voor het meten van het relatieve zuurstofgehalte
• jampot (of groter) met deksel
• geprepareerde zuurstofelektrode
• jampot met 1 g natriumsulfiet in 100 ml water (vers bereid)

  1. Zet de elektrode in elkaar, maar sluit hem nog niet aan op de multimeter.
  2. Zet de meter aan op stand 200 mV. De display moet nu 0 mV aangeven (indien dit niet het geval is, dan is je meter kapot).
  3. Vul een afsluitbare pot voor eenvijfde met het te onderzoeken water, sluit hem af en schud hem 20 seconden stevig op en neer. Hierdoor wordt het water verzadigd met lucht.
  4. Sluit de elektrode aan op de meter en beweeg deze heen en weer in het met lucht verzadigde water tot de display een constante waarde aangeeft.
  5. Stel de meter met behulp van de regelknop af op 10,0 mV, overeenkomend met 100% relatieve O2-spanning.
  6. Schud de pot nog een keer stevig en meet opnieuw. Als de meter meer dan 100% aangeeft, dan was het water niet verzadigd. Stel de meter weer af op 100% en herhaal 6. tot er geen verandering meer in de uitlezing is.
    1. Dompel de elektrode in de natriumsulfiet-oplossing en wacht tot de display ongeveer 0 mV aangeeft: 0% relatieve O2-spanning. Bij een vers geprepareerde elektrode kan dit enkele minuten duren. Kom je niet onder de 10% (1,0 mV), dan is de elektrode verontreinigd of zit er een gat in het membraan. Zet de elektrode dan opnieuw in elkaar en werk dan wél schoon.

    2. Spoel de elektrode af met water.

  7. De meter is nu gekalibreerd (van een schaal voorzien). Het verband tussen O2-spanning en meteruitlezing is lineair.
  8. Nu kan gemeten worden in het analysemonster. Beweeg de elektrode zonder te klotsen heen en weer, zodat er geen onnodige uitwisseling met de lucht plaatsvindt. Lees de meter af zodra de display een constante waarde aangeeft. De afgelezen waarde is het relatieve zuurstofgehalte in % ten opzichte van met lucht verzadigd water.
  9. Kalibreer de elektrode regelmatig in belucht water om eventueel verloop te corrigeren.




Knoptekst



Meten van het absolute zuurstofgehalte in mg O2/L

Het controleren of de meter op nul komt (7a en b) is alleen nodig als je denkt dat het membraan lekt of de polen niet schoon zijn en/of als je hele lage zuurstofgehaltes verwacht.

Benodigdheden voor het meten van het absolute zuurstofgehalte
• jampot (of groter) met deksel
• geprepareerde zuurstofelektrode
• thermometer 0-50ºC
• jampot met 1 g natriumsulfiet in 100 ml water (vers bereid)

  1. Zet de elektrode in elkaar, maar sluit hem nog niet aan op de multimeter.
  2. Zet de meter aan op stand 200 mV. De display moet nu 0 mV aangeven (indien dit niet het geval is, dan is je meter kapot).
  3. Vul een afsluitbare pot voor eenvijfde met het te onderzoeken water, sluit hem af en schud hem 20 seconden stevig op en neer. Hierdoor wordt het water verzadigd met lucht.
  4. Meet de watertemperatuur met de thermometer.
  5. Sluit de elektrode aan op de meter en beweeg deze heen en weer in het met lucht verzadigde water tot de display een constante waarde aangeeft.
  6. Stel de meter met behulp van de regelknop af op de verzadigingswaarde uit onderstaande tabel, bijv. bij 20ºC stel je de meter af op 9,1.

    Tabel 1. Verzadigingswaarden in mg/L van zuurstof bij verschillende temperaturen (ºC)
temp

O2 temp O2 temp O2 temp O2 temp O2
0 14.60                
1 14.19 11 11.01 21 8.90 31 7.41 41 6.31
2 13.81 12 10.76 22 8.72 32 7.16 42 6.22
3 13.44 13 10.52 23 8.56 33 7.16 43 6.13
4 13.09 14 10.29 24 8.40 34 7.05 44 6.04
5 12.75 15 10.07 25 8.24 35 6.93 45 5.95
6 12.43 16  9.85 26 8.09 36 6.82 46 5.86
7 12.12 17  9.65 27 7.95 37 6.71 47 5.78
8 11.83 18  9.45 16 7.81 38 6.61 48 5.70
9 11.55 19  9.26 29 7.67 39 6.51 49 5.62
10 11.27 20  9.07 30 7.54 40 6.41 50 5.54


Door onderstaande vakjes (géén komma's!) in te vullen wordt het absolute zuurstofgehalte voor je berekend uitgaande van het relatieve zuurstofgehalte. Vul voor zoetwater een zoutgehalte van 0 g/L in en voor zeewater 35 g/L.
% Zuurstof       
Temperatuur °C
Zoutgehalte g/L  
        mg O2/L
Wil je de verzadigingswaarde weten bij 18.3°C tik dan % zuurstof 100 in en temperatuur °C 18.3.
  1. Schud de pot nog een keer stevig en meet opnieuw. Als de meter meer aangeeft dan de vorige meting, dan was het water niet verzadigd. Stel de meter weer af op de verzadigingswaarde en herhaal 7. tot er geen verandering meer in de uitlezing is.
    1. Dompel de elektrode in de natriumsulfiet-oplossing en wacht tot de display ongeveer 0 mV aangeeft: 0% relatieve O2-spanning. Bij een vers geprepareerde elektrode kan dit enkele minuten duren. Kom je niet onder de 10% (1,0 mV), dan is de elektrode verontreinigd of zit er een gat in het membraan. Zet de elektrode dan opnieuw in elkaar en werk dan wél schoon.
    2. Spoel de elektrode af met water.
  2. De meter is nu gekalibreerd (van een schaal voorzien). Het verband tussen O2-spanning en meteruitlezing is lineair.
  3. Nu kan gemeten worden in het analysemonster. Beweeg de elektrode zonder te klotsen heen en weer, zodat er geen onnodige uitwisseling met de lucht plaatsvindt. Lees de meter af zodra de display een constante waarde aangeeft. De afgelezen waarde is het zuurstofgehalte in mg/L.
  4. Kalibreer de elektrode regelmatig in belucht water om eventueel verloop te corrigeren.
     

  •  

    Knoptekst


     
    Meten van het zuurstofgehalte in zeewater

    • De aanwezigheid van zout verlaagt de oplosbaarheid van zuurstof. Door gebruik te maken van bovenstaande module kun je de zuurstofconcentraties uitrekenen bij elke temperatuur en zoutgehalte.
    • Kies een van bovenstaande methodes om het zuurstofgehalte te meten. Let er echter op dat je de kalibratie uitvoert in water met hetzelfde zoutgehalte als het te onderzoeken water!

    Knoptekst


     
    Meting van het % zuurstof in lucht

    Het is zeer belangrijk dat alle metingen worden uitgevoerd bij dezelfde temperatuur!

    Het controleren of de meter op nul komt (5a en b) is alleen nodig als je denkt dat het membraan lekt of de polen niet schoon zijn en/of als je hele lage zuurstofgehaltes verwacht.

    Benodigdheden voor het meten zuurstofgehalte in lucht
    • geprepareerde zuurstofelektrode
    • jampot met 1 g natriumsulfiet in 100 ml water (vers bereid)
    1. Zet de elektrode in elkaar, maar sluit hem nog niet aan op de multimeter.
    2. Zet de meter aan op stand 200 mV. De display moet nu 0 mV aangeven (indien dit niet het geval is, dan is je meter kapot).
    3. Sluit de elektrode aan op de meter en houd hem in de buitenlucht tot de display een constante waarde aangeeft.
    4. Stel de meter met behulp van de regelknop af op 20,9 mV. Dit is het 20,9% zuurstofgehalte van de buitenlucht.
    5. Nulpuntscontrole voor het meten van zeer lage zuurstofgehaltes.
      1. Dompel de elektrode in de natriumsulfiet-oplossing en wacht tot de display ongeveer 0 mV aangeeft: 0% relatieve O2-spanning. Bij een vers geprepareerde elektrode kan dit enkele minuten duren. Kom je niet onder de 10% (1,0 mV), dan is de elektrode verontreinigd of zit er een gat in het membraan. Zet de elektrode dan opnieuw in elkaar en werk dan wél schoon.
      2. Spoel de elektrode af met water.
    6. De meter is nu gekalibreerd (van een schaal voorzien). Het verband tussen O2-gehalte en meteruitlezing is lineair.
    7. Nu kan gemeten worden in het analysemonster. Breng de elektrode in het te onderzoeken gasmengsel bij dezelfde druk en temperatuur als de buitenlucht en lees de meter af zodra de display een constante waarde aangeeft. De afgelezen waarde is het % zuurstof in het gasmengsel.

    Knoptekst


     
    Onderhoud van de elektrode en de meter

    • Tussen de metingen in kan de elektrode in een 1% natriumsulfietoplossing of water worden geplaatst. Hierdoor droogt de elektrode niet uit en wordt de loodpool niet opgebruikt. In sulfiet blijkt de elektrode op deze manier wel drie weken goed te blijven functioneren.

    • Haal na gebruik van de elektrode het membraan van de elektrode af, spoel hem af met water en berg hem droog op. Er vinden dan geen chemische reacties meer plaats en de elektrode kan na onbepaalde tijd weer worden gebruikt.

    • Bewaar de universeelmeter op een koele plaats. Als je hem lange tijd niet gebruikt, haal dan de batterij uit de meter, zodat deze niet door batterijlekkage kan worden beschadigd.


    Knoptekst